Home

Landlezen

22 maart 2008


De grote regentijd is eerder begonnen dan verwacht en met de eerste buien kwamen harde windstoten mee. Op de radio hoor ik het verslag van een journalist die in het westen van Paramaribo op bezoek gaat bij mensen bij wie het dak van hun huis is gewaaid. Een man is druk bezig om zo goed mogelijk zijn huisraad te bedekken. Een dubbele strop want hij wil zijn huis niet onbeheerd achterlaten en mist zo de kans om naar zijn werk te gaan. Een paar politici bellen met het radiostation. Ze gaan een fonds bedenken voor toekomstige slachtoffers van overlast door regen en wind. De daklozen van vandaag hebben daar niet veel aan, maar als er eenmaal financiën zijn gevonden en als is uitgemaakt welke politici deze gelden mogen beheren, dan is er op den duur een instantie waar deze mensen kunnen aankloppen voor steun.

Ik wandel door een park van palmbomen. Vroeger was het de achtertuin van het presidentieel paleis, maar het is al een tijdje toegankelijk voor publiek. De naam van de tuin straalde ooit in neon maar ik vind de letters nu ook mooi, mooier misschien dan voorheen.

In het park staat op een hoge paal een beeld van een kleine jongen op zijn knieën, als in gebed. Op een bord daaronder staat dat zijn ouders dit beeld lieten maken ter nagedachtenis aan hun zoon die in een koelkast is gestikt. Ik zie een betonnen gebouw zonder dak, zonder deuren en ramen. Ernaast staan sokkels. De ruimte is nu een plek waar zolang rommel kan worden gegooid. Iemand heeft iets op de buitenmuur geschreven waardoor ik niet kan ophouden ernaar te kijken. Dezelfde schrijver heeft ook elders in de stad commentaar gezet en ik lees me door de straten op zoek naar meer.

De volgende dag wandel ik door Galibi, een klein dorp aan de Marowijnerivier. Aan het strand waar onze kleine boot voor anker is gegaan, staan letters op een bank. “you can heat me, you can beat me, but you never break me.”

Terug in Paramaribo ga ik een klamboe kopen in de stad. In warenhuis Kirpalani vind ik er geen, maar het kan best zijn dat er genoeg zijn. Ik word afgeleid door de tekst.