Home

Ian's pijn

21 februari 2008


Thijs huilt vol overgave. Met zijn armen voor zijn gezicht droogt hij de tranenstroom steeds opnieuw aan de mouwen van zijn overhemd. Hij heeft zijn vriendje Ian pijn gedaan en weet even niet hoe het verder moet. Ian zit stil en ernstig naast hem. Hij is degene met pijn, maar hij huilt niet.

De moeder van Thijs komt erbij. Thijs moet sorry zeggen maar dat vindt hij moeilijk. Ian moet Thijs troosten en zeggen dat het geen pijn meer doet, maar Ian tilt zijn hemd op een laat de plek zien. “Het doet wel pijn” zegt hij zacht maar duidelijk.

We gaan eten maar de jongens hebben geen trek. Thijs is te moe van het spelen en Ian heeft buikpijn.
“Zal ik je thuis brengen?” vraagt de moeder van Thijs.
Ian schudt nee.
“Je vindt me toch wel lief?”
Hij schudt nee. Hij vindt niemand lief, alleen de vader van Thijs, en mij. Als hem wordt gevraagd wie hem thuis moet brengen, wijst hij stil naar mij.

Voor we wegrijden, vraagt hij hoe ik heet. En hij zegt “je bent heel oud.”
Ja, antwoord ik, maar ik leef nog wel.
“Ja” zegt hij, en we rijden zwijgend door het donker.